Waterleiding

Oorsprong van het drinkwater

In Gambia vinden we hoofdzakelijk 3 aquifers, uiteraard op verschillende diepten:

  • De eerste (15 à 20m diep) is de meest gebruikte, de bevolking tracht deze laag te bereiken via handgegraven putten. Regelmatig vallen, met fatale gevolgen mensen (kinderen) in deze putten. Ook de inhoud van de lokale toiletten (gat in de grond) komt op deze manier in de putten terecht. Het water is dus sterk vervuild en in principe niet drinkbaar.
  • De tweede laag (40 à 50m diep), onbereikbaar via handgegraven putten, bestaat uit zuiver drinkbaar water. Deze laag wordt dan ook door GamMol aangeboord en van de bovenliggende laag gescheiden met een kleistop in de putvoering.
  • De derde laag (90 à 120m diep) is kwalitatief nog beter (vooral een lager ijzergehalte) maar omwille van de diepte zeer duur. Zowel het boren als de geschikte pompen bepalen hierbij de kostprijs.

Aandacht voor de kwaliteit van het water.

Van elke geboorde put wordt na het zuiverpompen een waterstaal genomen, dat in België door LOVAP microbiologisch en scheikundig geanaliseerd wordt. Pas na zekerheid over de kwaliteit wordt het systeem officieel vrijgegeven als bron van zuiver drinkwater. Voordien wordt aangeraden om het water enkel te gebruiken voor sanitatie en irrigatie doeleinden. Tot op vandaag hebben wij nog geen enkel kwaliteitsprobleem ervaren in de verschillende systemen die momenteel operationeel zijn.

Lokale verankering van het project.

Alle projecten wordt voorbereid en uitgebouwd in samenwerking met de lokale bevolking. Na de ingebruikname wordt het dorp steeds verantwoordelijk voor de uitbating van het project. Enkele dorpelingen worden opgeleid in het onderhouden van de systemen. Er wordt steeds een lokaal “water committee” opgericht, een door de dorpsoverheid gecontroleerd orgaan, dat de verantwoordelijkheid heeft voldoende fondsen te verzamelen om het systeem draaiende te houden.